In Cluny staat een indrukwekkend gebouw, het Hôtel-Dieu,
een liefdadigheids- en ziekenhuisinstelling die meer dan 300 jaar dienst deed.
Het is geen groot ziekenhuiscomplex zoals het beroemde Hôtel‑Dieu de Beaune,
maar juist door zijn compactere omvang biedt het een opmerkelijke inkijk in het ziekenhuisleven van de 18e tot 20e eeuw,
met een architectuur en inrichting die de tijd weerspiegelt.
De kapel is toegankelijk via een trap met een balustrade gemaakt door de beroemde frère Placide.
Oorsprong en oprichting
Het verhaal begint in 1625, wanneer de priester Julien Griffon van de kerk Notre-Dame in Cluny zijn bezittingen nalaat voor de oprichting van een instelling die zorg moet dragen voor de armen en zieken van de stad. Zijn testament legt de basis voor een nieuw soort liefdadigheidswerk in Cluny: een ziekenhuis waar niet enkel genezing, maar ook barmhartigheid centraal staat.
Twee jaar later geeft Jacques Vény d’Arbouse, abt van Cluny, officieel toestemming voor de oprichting van het nieuwe ziekenhuis, dat de naam Notre-Dame zou dragen, maar in de volksmond al snel bekendstaat als la Pitié. De bouw vordert traag, mede vanwege een lange periode van de zwarte dood (pest); pas in 1660 wordt de eerste steen gelegd door Emmanuel Théodose de La Tour d’Auvergne, kardinaal van Bouillon en de latere abt van Cluny.
Het is de eerste instelling in Cluny onder direct burgerlijk beheer. Veertig jaar later krijgt de abdij de controle over de instelling terug en volgen talloze conflicten tussen de burgerlijke bestuurders en de monniken.
De bouw duurt tot 1674, waarna het ziekenhuis meermaals is uitgebreid, onder meer in 1676 en 1692. In het jaar 1674 verleent koning Louis XIV het ziekenhuis een officieel koninklijk erkenningsdocument, een charter dat vandaag nog steeds te zien is in de kapel. Daarmee kreeg de instelling niet alleen legitimiteit, maar ook een plaats binnen de grote traditie van Franse hospitalen, de zogenaamde Hôtels-Dieu.
De fundamenten van het Hôtel-Dieu in Cluny blijken niet sterk genoeg te zijn. In februari 1702 richt een hevige storm grote schade aan in een van de ziekenzalen, bij inspectie blijkt de ondergrond instabiel. Kardinaal de Bouillon bezoekt het vervallen gebouw en besluit dat het niet gebouw niet meer te redden is. Hij beveelt de bouw van een nieuw ziekenhuis, op steviger grond, aan de overkant van de rivier.
Dat nieuwe gebouw, het huidige Hôtel-Dieu de Cluny, mocht niet onderdoen voor andere hospitalen in Bourgondië: de ziekenzaal moest minstens even breed zijn als die van het Hôtel-Dieu in Tournus en het geheel diende de waardigheid van de abdij te weerspiegelen.
In 1713 wordt het nieuwe complex voltooid. Het zou uitgroeien tot een instelling die drie eeuwen lang het gezicht van de zorg in Cluny bepaalde.
De bouw van het huidige Hôtel-Dieu
De constructie van het nieuwe gebouw — dat we vandaag nog steeds kennen — begint rond 1703. Het is ontworpen met een klassieke, functionele indeling: in het midden de kapel, aan weerszijden grote ziekenzalen en een vleugel aan de zuidzijde voor de gemeenschappelijke functies. In 1828 kwam nog een noordvleugel bij, waardoor het geheel een U-vorm kreeg.
De kapel wordt officieel in gebruik genomen op 29 maart 1727, met de sacramentenopdracht door prior Pierre Allard en de inzegening volgde op 15 november 1730.
Functie en inrichting
Het Hôtel-Dieu gaf onderdak aan zieken en behoeftigen uit Cluny. In de vleugels van het hoofdgebouw lagen twee grote zalen: links de salle Sainte-Marthe voor vrouwen, rechts de salle Saint-Lazare voor mannen. De zuidvleugel huisvestte o.a. de apotheek, keuken, de zolders, en de cellen + gemeenschappelijke ruimte voor de zusters van Sainte Marthe.
In het begin van de 19e eeuw wordt de zuidvleugel van het gebouw met enkele meters verlengd om de rivier te overbruggen, kort daarna wordt het gebouw in 1828 uitgebreid met een vleugel op het noorden. De zuidvleugel omvat de apotheek, de keuken, zolders, en voor de ziekenzusters van Sainte Marthe cellen en een gemeenschapsruimte.
De apothicairerie (apotheek) is bijzonder: de huidige inrichting dateert van circa 1825, in de Empire-stijl en bevat potten en vaten van de 16e tot de 19e eeuw.
Verdere historische ontwikkeling
Mausoleum van de hertog en de hertogin van Bouillom
Kardinaal de Bouillon had het plan een indrukwekkend mausoleum te bouwen in de abdij van Cluny. Het moest een grafmonument voor zijn ouders worden. Hij wil dit praalgraf gebruiken om eigen positie en macht te bevestigen.
De opdracht wordt in 1698 gegeven aan Pierre II Legros, een niet-koningsgezinde Franse beeldhouwer die in Rome woonde. Hij voltooid de opdracht in Rome en in de stad Carrare. Het mausoleum krijgt prachtige Carrara marmeren beelden
Carrara is wit marmer uit het Italiaanse stadje Carrara.
Het wordt echter om politieke redenen verboden door Louis XIV en het Parijse Parlement. Louis XIV ergert zich aan de grootsheid en praal van dit project. De sculpturen die in Cluny aankomen, zijn verzegeld, en ze hebben de Revolutie ongedeerd overleefd. Maar het mausoleum zou nooit in de abdij van Cluny terechtkomen. Wanneer het in 1709 in Cluny aankomt, is de positie van de kardinaal dusdanig verzwakt, dat de kisten in eerste instantie niet eens worden uitgepakt.
Aan het begin van de 19e eeuw worden de belangrijkste elementen in Barok-stijl in de kapel van het Hôtel-Dieu geplaatst, waar ze vandaag nog steeds te zien zijn. De kardinaal wordt verbannen naar de abdij Saint Philibert van Tournus, nadat de monniken van Cluny hem afgezet hebben.
Een element dat tot op de dag van vandaag bewaard is gebleven, is de toren van het hertogelijk wapen met de provocerende inscriptie “hier hangen duizend schilden”.
de zusters van het Hôtel-Dieu in de bres voor de abdij
Het is 1789, de bezittingen van de geestelijkheid worden aan het begin van de Franse Revolutie genationaliseerd. De Orde van Cluny wordt een jaar later opgeheven.
In januari 1791 wordt een inventaris van de abdij in Cluny opgemaakt, de edelmetalen voorwerpen worden, nadat de relikwieën zijn verwijderd, apart gehouden en gewogen. De relekwieën worden naar Mâcon gestuurd om te worden omgesmolten.
Een paar kostbare relikwieën worden gered door de zusters van he Hôtel-Dieu in Cluny waar een deel van de mouw van Maria en een fragment van het hoofd van Saint Marcel nog steeds bewaard worden.
ruzie om een erfenis
Op 1 maart 1701 laat Delle Jeanne-Marie de Beugne de Belleperche zijn landgoederen van Beugne en Villerest (La Vineuse) na aan het Hôtel-Dieu de Cluny. Voorwaarden van deze erfenis: het Hôtel-Dieu is verplicht om jaarlijks een hoeveelheid vlees en tarwe te verstrekken aan de armen van de dorpen La Vineuse en Vitry-lès-Cluny.
De erfgenamen zijn het niet eens met de erfenis aan het Hôtel-Dieu en betwisten deze erfenis tot aan 1770.
In 2015 bezit het Hôtel-Dieu nog steeds 58 hectare bos uit deze erfenis en betaalt het nog jaarlijks een bedrag dat overeenkomt met de waarde van deze producten aan de CCAS van deze gemeenten. De gebouwen uit het erfgoed zijn in 1946 verkocht (bron: Un Jour Cluny).
einde van een tijdperk
Vanaf 1912 sluit een grote poort de binnenplaats af en krijgt het Hôtel-Dieu het uiterlijk zoals we het nu nog kennen. In beide wereldoorlogen neemt dit Hôtel-Dieu een belangrijke plaats in.
Tot in 1976 doet een van de vleugels dienst als als operatiekamer- en kraamkliniek. Naast de zorg voor zieken was er de zorg voor andere pasgeborenen, zo wordt hier ook het buitenechtelijk kind van de dichter, schrijver en staatsman Alpphonse de Lamartine na zijn geboorte opgenomen.
Het Hôtel-Dieu krijgt steeds minder medische functies en in 2017 verlaten de laatste bewoners het gebouw.
Wat kun je zien tijdens een bezoek aan Hôtel-Dieu in Cluny?
in de kapel
Hoewel bescheiden van afmeting, de kapel is slechts 13 meter diep en 12 meter breed, is er veel te zien in deze monumentale kapel.
Opmerkelijke zijn de meubels die oorspronkelijk uit de abdij van Cluny komen, zoals het altaar, de tabernakel en de de paaskandelaar die toegeschreven wordt aan frère Placide, broeder en siersmid van de abdij van Cluny. De deur van het koor is een opmerkelijk smeedijzer, geheel volgens de traditie van Cluny in het midden van de 18e eeuw.
Aan de voet van het altaar ligt het 12e eeuws mozaïek dat ook zijn oorsprong heeft in de abdijkerk in Cluny, het lag daar in het koor van de kerk. De biechtstoel is de moeite waard om aandachtig te bekijken vanwege prachtig 17e eeuws houtbewerking.
Een marmeren steen uit de 12e eeuw, overgebleven van de bestrating van het abdijkoor, is hier gebruikt voor de trap naar het altaar. De twee schilderijen die hier hangen zijn rond 1826 geschilderd door François Buffet.
een opvallend plafond
Het meest indrukwekkende vond ik het bijzonder beschilderde plafond, een eigentijds werk van Marc-Camille Chaimowicz, uitgevoerd in 2003 met de leerlingen van de school Ecole Nationale des Beaux-Arts in Dijon. Het is de weergave van de lucht gezien door de kunstenaar geïnspireerd door een verblijf in Italië en in het bijzonder in Rome.
de ziekenzalen
Links van de kapel ligt de salle Saint Marthe, de ziekenzaal voor de vrouwen, rechts van de kapel de salle Saint Lazare voor de mannen. In de salle Saint-Lazare kun je nog de opstelling zien van 20 bedden langs de wanden, met gordijn-afscheidingen die enige privacy gaven, wat het typische ziekenhuisbeeld van die tijd oproept. Hoewel oude foto’s een opstelling laten zien waarbij de bedden een kwartslag gedraaid staan.
Beide zalen krijgen in 1867 een groot raamkozijn met enorme deuren, zo konden de zieken de religieuze diensten volgen wanneer de deuren werden opengezet.
De Saint-Lazare ziekenzaal heeft prachtig houtwerk uit de 17e eeuw. Verder vind je er een schilderij dat het offer van Abraham verbeeldt en de staf van Saint-Hugues.
de apotheek; apothicairerie
De apotheek is al sinds 1674 in het Hôtel-Dieu aanwezig. De huidige apotheek in Empirestijl (een Franse interieurstijl uit het begin van de 19e eeuw) dateert van 1825 en toont alle gebruikelijke apparatuur uit die tijd, daarnaast ook verschillende collecties oude apothekerspotten van de 16e tot de 20e eeuw.’
regentenzaal; Salle des Administrateurs
De Salle des Administrateurs is oorspronkelijk de ‘huiskamer van de nonnen van Sainte Marthe die in het Hôtel-Dieu werkten. Later wordt het de vergaderkamer van de regenten. De muren zijn bekleed met 19e eeuws behang gemaakt door Dufour, een stoffeerder uit Mâcon.
Op een bijzonder mooie notenhouten tafel zie je een tweezijdig paneel-schilderij (ca. 1520-1530 dat toegeschreven wordt aan Gore Guérard en wordt gedateerd tussen 1520 en 1530. Het is een verbeelding van Heilige Vrouwen bij het graf aan de ene kant en aan de andere kant Sainte-Catherine en Saint-Georges die de draak verslaat.
Historische betekenis
Het Hôtel-Dieu is in meerdere opzichten belangrijk:
Het is een zeldzaam goed bewaard gebouw dat getuigt van de burgerlijke ziekenhuisarchitectuur van het einde van de 17e/ begin 18e eeuw in Bourgogne.
Het verbindt de zorgfunctie met de grote abdij-geschiedenis van Cluny: de bediening van zieken en reizigers was al vanaf de vroege Middeleeuwen een onderdeel van het monastieke karakter van de stad, via ziekenboegen, hospitia en kapelaanshuizen.
De artistieke en meubileerde inhoud (altaar, relicten, apotheekcollectie) maakt het tot een monument niet alleen van geneeskundige zorg, maar ook van culturele en geestelijke zorg.
De beschermde status: het gebouw is deels ingeschreven en deels geclassificeerd als monument historique.
Bezoek aan Hôtel-Dieu in Cluny
Je kunt dit Hôtel-Dieu iedere dag tussen 9.00 en 17.30 vrij bezoeken. Je ziet dan de kapel en de zaal Saint-Lazare met de beroemde beddenopstelling en er is een vitrine met historische en religieuze voorwerpen, zoals de abdijstaf van abt Hugues, de zesde abt van Cluny.
Voor €2 kun je in de vitrines een licht in aandoen :-).
Hôtel-Dieu
13, Place de l’Hôpital
CLUNY
Rondleiding met een gids
Wanneer je een afspraak maakt voor een rondleiding met een gids, zie je ook de Apothicairerie en de Salle des Administrateurs (Regentenkamer).
bronnen
Informatie uit het Hôtel-Dieu in Cluny
http://www.apothicaireries.eu
Clunypedia.com
www.gallica.fr
meer lezen over de abdij van Cluny op zuidbourgogne.nl:
meer lezen over Cluny op zuidbourgogne.nl:
meest recente blogs zuidbourgogne.nl
De decanaten van Cluny: verborgen schakels in een middeleeuws machtsnetwerk
Église Saint-Pierre: barokke pracht in Chalon-sur-Saône
Saint-Vincent van Chalon-sur-Saône: de kathedraal die haar kleuren hervond
Chalon-sur-Saône: een stad die blijft verrassen
Château Pontus de Tyard: geboorteplaats van een renaissancedenker
Pontus de Tyard: de dichter die de hemel wilde begrijpen
Cirque du Bout du Monde: het keteldal aan het einde van de wereld
Hugues de Semur: architect van het middeleeuwse Cluny
Saint-Christophe du Puley: het verhaal van een verlaten priorij
Mont Grémoi: een wandeling over graniet, bronnen en tijd
Chapaize: een dorp tussen heuvels, bossen en eeuwenoude wegen